Algemeen
In 2006 leverde volgens het WTTC (Word Travel and Tourist Center) het toerisme in Bulgarije 4,6% van het BBP (+7,6% t.o.v. 2005; EU 3,9%; +4,2%) en 4% (+2%) van de werkgelegenheid op (EU 4,2%; +3,3%). Met de uitstraling over de hele economie meegerekend liggen deze cijfers op respectievelijk 16% (+5,9%; EU 10,9%, +4,5%) en 12,6% (+0,4%; EU 11.8%; +3.3%). Van de privé-consumptie werd 7,5% (+6,4%) uitgegeven aan reizen en vakanties (EU 11,3%; +3%) en de overheid stak 3,2% (-0,6%) van haar uitgaven in het toerisme (Eu 3,2%, +0,8%). De sector incasseerde 14,2% (+0,3%) van alle kapitaalsinvesteringen (EU 8,6%; +2,2%). Op de werkgelegenheid en het uitgaande toerisme na komen de verwachte groeicijfers t/m 2016 uit boven het Eu gemiddelde. In 2004 bedroeg de toeristisch omzet € 2,4 miljard en de winst €1,7 miljard (11% van het BBP). Steeds meer buitenlanders ontdekken Bulgarije. Veel gehoorde motieven om er heen te gaan zijn dat men het land goedkoop, gastvrij, mooi en oorspronkelijk of authentiek vindt. Omdat de prijsvechters tot in 2005 nog niet op Bulgarije vlogen was de reis erheen relatief duur, maar in 2007 vloog bijv Ryan Air vanuit Duitsland, het VK en Spanje op Plovdiv.
Volgens het ministerie van economie, dat tot in 2005 de toerismestatistieken bijhield, groeide het aantal toeristen tussen 2002 en 2005 met 50% en namen tussen 2000 en 2005 de investeringen in de sector toe met €500 miljoen. Daarbij kwam 90% van de private investeringen uit het land zelf. In de bergen en langs de ZwarteZeekust schoten de hotels in die periode dusdanig als paddestoelen de grond uit dat de toeristen tijdens hun vakanties last kregen van de bouwactiviteiten. Ook konden de wegen en vliegvelden de groeiende toeristenstroom nauwelijks aan. Een ander aandachtspunt was dat het land veel lowbudget toeristen uit het westen trok die buiten het totaalpakket van hun geheel verzorgde vakantiereis weinig wilden uitgeven. Ook liet de opleiding van personeel en de professionaliteit van de marketing in het buitenland te wensen over. Tot de belangrijkste toeristenattracties behoren de kust (70% van de toeristische bestemmingen), de bergen (met skioorden als Bansko, Borovets en Pamporova), de hoofdstad Sofia, folkloristische festivals, kuuroorden met minerale bronnen, kloosters en oudheden en oude steden als Nesebar en Veliko Trnovo. Ook is het land in trek bij jagers en hengelaars. Men wil ecotoerisme en cultuur en archeologische toerisme ontwikkelen. Sinds februari 2005 beschikt Bulgarije over een ministerie van cultuur en toerisme.
|
In toeristische gebieden zijn veel informatieborden in het Engels en veel menukaarten hebben daar een Engelse vertaling. De staf van hotels, restaurants en cafés kan zich eveneens vaak uitdrukken in een vreemde taal. Naambordjes en richtingaanwijzers zijn bijna overal in het Cyrillisch.
|
Voorzieningen en overnachtingen
In 2006 telde Bulgarije volgens het Bulgaarse statistische bureau 2887 toeristische verblijfsaccommodaties met 252.000 slaapplaatsen. In 2004 waren er nog maar 1306 accommodaties met 190.000 slaapplaatsen; hetgeen betekent dat er veel kleinschalige verblijfsvoorzieningen bij zijn gekomen. De bezettingsgraad (in de zin van het aandeel van de mogelijke betaalde overnachtingen dat werd benut) lag tussen 2004 en 2006 rond 33%. Het aantal geregistreerde verblijfstoeristen ging tussen 2004 en 2006 van 3,3 naar 4,4 miljoen, een stijging van 35%. In 2004 waren 55% van hen buitenlander en in 2006 precies de helft. Het aandeel van de buitenlanders in de overnachtingen ging sterk omhoog. Het aantal betaalde overnachtingen steeg van 14,2 miljoen (43% door buitenlanders) naar 17,4 miljoen (+23%; 69% door buitenlanders) en de opbrengsten daarvan gingen van €197 miljoen (55% van buitenlanders) naar €290 miljoen (+42%, 76% van buitenlanders).
Inkomend toerisme
In 2006 stak 7,5 miljoen keer een buitenlander de Bulgaarse grens over (+3% ten opzichte van 2005). Daarvan kwam 57% als toerist, 31% was op doorreis (het vaakst naar of vanuit Roemenië of Turkije), 5% kwam met een zakelijk doel, 1% ging uit logeren en de rest (6%) viel onder de categorie overige. Het grootste deel van de grensoverschrijders kwam uit Roemenië (15%) of Turkije (11%). Het leeuwendeel van deze groepen is als passant echter nauwelijks interessant voor de economie; temeer omdat men vanwege het EU lidmaatschap de corruptie bij de douane heeft moeten indammen. Wel neemt het aantal Roemeense vakantiegangers toe. De grootste groepen onder de 4,4 miljoen verblijfstoeristen kwamen uit Servië-Montenegro (14%, +7% ten opzichte van 2005, incl. transitpassanten), Griekenland (13%, -9%), Macedonië (12%, -5%), Duitsland (11%, -9%), het VK (9%, +12%) en Roemenië (8%, +43% inclusief doorreis). De grootste stijging qua toeristenaantallen zat bij de Ieren (+103%), Noren en Portugezen (beide +70%), maar ook Denen, Spanjaarden, Russen en Canadezen weten het land steeds beter te vinden zonder dat ze op doorreis zijn. Duitsers, Russen, Britten en Scandinaviërs komen het vaakst in de zomer voor de Zwarte Zee stranden en steeds meer Britten en Ieren gaan naar Bulgarije als skitoerist. Ook het congrestoerisme (vooral in Sofia of langs de kust) vertoont een stijgende tendens.
Binnenlands toerisme
Tussen 2004 en 2006 ging het aantal Bulgaren dat betaalde overnachtingen boekte in eigen land met 22% omhoog van 1,8 naar 2,2 miljoen. Het aantal door hen geboekte overnachtingen daalde echter met 12% van 8,1 miljoen naar 7.1 miljoen en de opbrengst daarvan ging omlaag van €89 miljoen naar €70 miljoen (-21%). Wellicht speelt hierin een rol dat de overnachtingprijzen door de grote toevloed van buitenlandse toeristen veel meer zijn gestegen dan de lonen in Bulgarije waardoor ze voor veel Bulgaren te hoog zijn geworden.
Uitgaand reisverkeer
In 2006 stak 4,2 miljoen keer een Bulgaar de eigen grens over (-1,3% ten opzichte van 2005). Daarbij was in 55% van de gevallen de reden van zakelijke aard (uitzonderlijk veel naar Eu maatstaven). Hierdoor is het uitgaande reisverkeer opvallend gelijk verdeeld over de maanden van het jaar. Slechts 1 op de 4 reizen naar het buitenland waren vakantiereizen, 9% bestond uit familiebezoek ed. en 11% viel onder de categorie overige reizen. De meest voorkomende onder de 2,3 miljoen beroepsmatige bestemmingen waren de buurlanden Turkije (39%), Griekenland (20%), Servië-Montenegro (8%), Roemenië (6%) en Macedonië (4%). Dit betekent dat 548.000 werkreizen van Bulgaren naar andere landen toegingen. Daarbij was Duitsland het meest in trek (119.000 keer bestemming), gevolgd door Italië (64.000), Oostenrijk (42.000), Spanje (35.000), Frankrijk (32.000) en het VK (25.000). In 2006 ging 16.000 keer een Bulgaar de grens over om in Nederland te gaan werken. Ook bij de 1 miljoen buitenlandse Bulgaarse vakantiereizen waren de buurlanden veruit favoriet (Servië-Montenegro 26%, Turkije 15%, Griekenland 14%, Roemenië 7%, Macedonië 6%). Onder de verder weg gelegen toeristische bestemmingen scoorde Italië het hoogst (8%), gevolgd door Duitsland en Spanje (beide 6%). Los van het doel van de reis zat onder de 10 topbestemmingen ten opzichte van 2005 de grootste stijging bij Spanje (+33%), het VK (+24%), Roemenië en Italië (beide +22%) en de grootste daling bij Turkije (-16%). Ook het aantal keren dat een Bulgaar naar Nederland afreisde daalde (-5%).
|