Breedtesport
De sport zit in Estland sterk in de lift. Van 2000 t/m 2003 groeide het aantal leden van sportclubs met dik 50% tot zo'n 120.000. Zowel de inkomsten als de uitgaven van sportclubs verdrievoudigden en het personeel van de bonden nam met zo'n 70% toe tot ruim 5000. In 2003 werd de sport voor bijna eenderde betaald uit overheidsgeld, voor een kwart uit kantineopbrengsten en toegangskaartjes, voor 12% uit sponsering en voor de rest uit lidmaatschappen ed. De grootste bonden waren in 2003 de voetbalbond (10400 leden), de basketbalbond, de atletiekbond en bond van kleiduivenschutters (7500 leden). Voor de Esten zelf (en voor toeristen) zijn er tegenwoordig in het zomerseizoen mogelijkheden te over voor kanoën, roeien of zeilen door meren en moerasgebieden en over zee, duiken, trektochten door de natuur, vissen, verzamelen van bessen en paddestoelen, vogel en wildobservatie en fietsen en s'winters voor ijsvissen, skiën, snowboarden en langlaufen.
Topsport
Tussen de beide wereldoorlogen won Estland 21 medailles op de Olympische spelen, tijdens de Russische bezetting wonnen Esten er ruim 60 voor de Sovjet Unie en gedurende de recente periode van zelfstandigheid won men er 11. Als zelfstandig land nam Estland 10 keer deel aan de Olympische spelen en qua medailleverdeling bezette men daarmee een 45e plek onder 122 landen die ooit Olympische medailles wonnen (qua inwonertal een 10e plaats). Na de hernieuwde zelfstandigheid is voetbal enorm in populariteit gestegen omdat men zich kan identificeren met het eigen nationale team. In februari 2005 deelde dit team met Thailand een 80e plaats onder de ruim 200 landen op de wereldranglijst van de FIFA. Traditioneel hebben Esten altijd goed gepresteerd in schaken, worstelen, langlaufen, basketball, kanoën en atletiek (vooral technische nummers) en ook in enkele takken van wielersport leveren ze soms internationale prestaties. De naam Jaan Kirsipu duikt bijv vaak op bij belangrijke wielerwedstrijden. Andrus Varnik werd in 2005 wereldkampioen bij het speerwerpen. Dit sprak de Esten erg aan omdat men hiermee de in hun ogen decadente Finnen op hun koningsnummer naar de kroon stak. Tijdens de opleving van het Estlandse nationalisme in 1988 spraken de Olympische prestaties in Seoel van wielrenster Erika Salumäe en basketballer Tiit Sokk sterk tot de verbeelding. De tienkamper Erik Nool won bij de Olympische spelen in Sydney van 2000 goud. De Estische skiër Andreas Veerpalu en langlaufster Kristina Smigun leverden ondermeer topprestaties bij de Olympische winterspelen van 2002 in Salt Lake City en in datzelfde jaar won de marathonloper Pavel Loskutov zilver voor Estland op het EK. Bij de Olympische winterspelen van 2006 in Turijn behaalde Smigun 2 keer goud. Daarmee werd ze na Andrus Veerpalu de 2e deelnemer ooit die bij winterspelen voor Estland op de hoogste tree van het erepodium mocht staan. Bij de Olympische spelen van 2004 in Athene won skiffeur Jueri Jaanson zilver en zwaargewicht judoka Indrek Pertelson en discuswerper Alexander Tammert kwamen terug met brons.
|
De Nederlander Arno Pijper was van 2000 t/m 2004 trainer van het Estlandse nationale voetbalelftal. De in 2006 en 2007 voor het Limburgse Roda JC uitkomende Est Anders Oper kwam tussen 1995 en 2006 102 keer uit voor zijn landsteam waarbij hij 32 keer doel trof.
|
|